Armenkamer

GentStJantenDullenGT1995

Sint-Jan-ten-Dulle – Ghendtsche Tydinghen 1995

Het waren vooral de geestelijken die aanvankelijk instonden voor de zieken en behoeftigen. Sinds de 9e eeuw namen zij die taak op zich en richtten na verloop van tijd godshuizen op.  Zo waren er bv. het Kinderen Alyns- of St.-Katharinahospitaal (14 eeuw), het Sint-Janshospitaal of Godshuis van Sint-Jan-ten-Dulle (1191) en het Wenemaershospitaal (1323).

Gentcollectebus1643uitroeyngderbedelaryGT1995

collectebus 1643
GT1995

Onder het gezag van en door Keizer Karel ontstond in 1535 de Armen Camere, de Armenkamer die de belangen en initiatieven van de verschillende godshuizen verenigde. Zo zijn er 17-eeuwse collectebussen teruggevonden bestaande uit hout of ijzer voor geldelijke inzameling ten bate van de armen. Deze acties stonden onder het beheer van een magistraat.

Gentcollectebus1647SchepenheusstraetkenGT1995

collectebus 1647
GT1995

Op de collectebussen stond het nut vermeld waarvoor zij gebruikt werden als “uitroeyng der bedelary” of refererend naar de plaats waar de collecte werd gehouden als “Busse van Ghebueren van Saysteghe gheseyt Schepenheusstraetken”.

Het Franse Régime zal echter in 1796 een verandering teweegbrengen in het beheer van de verschillende instellingen. In plaats van de Armenkamer beheerde de stad nu 2 burgerlijke instellingen nl.

  • de Commissie van Burgerlijke Godshuizen : algemeen beheer van godshuizen en personen, kinderen zoals wezen, verlaten kinderen, gebrekkigen, zieken, bejaarden, vondelingen, etc. die er niet terecht konden.
  • het Bureel van Weldadigheid die vooral armen ondersteunde.

Leken (niet-geestelijken) namen de verantwoordelijkheden over van de clerus. De nieuwe instellingen beschikten hierbij over religieuze eigendommen als godshuizen, kerken en kloosters. Het beheer van de godshuizen kwam al snel terug in handen van de kloostergemeenschappen in tegenstelling tot het goederenbeleid waar de geestelijken of clerus geen inmenging had.

Problemen op bestuurlijk en organisatorisch vlak waren in 1925 aanleiding tot de invoering van de Wet op de Commissies van Openbare Onderstand (COO). Dit bracht echter geen soelaas en gedurende tientallen jaren kende de COO een gebrekkige werking. Met als gevolg de oprichting op 1 april 1977 van het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn.

Het OCMW heeft als taak het recht van elke burger te eerbiedigen met betrekking op gezondheidszorg, ziekte, huisvesting en financiële voorziening. Het recht als het ware op een menswaardig bestaan.

———-

Bron:

http://www.inventaris.onroerenderfgoed.be

http://www.deboublomme.be

http://www.huisvanalijn.be