Nederpolder

De as Nederpolder-Hoogpoort was een belangrijke handelsader die zich ontwikkelde na het vertrek van de Noormannen eind 9e eeuw. Het halfcirkelvormige portus aan de Reep en in een later stadium de handelsnederzetting aan de Groentenmarkt in de buurt van het versterkte gebied aan de linkeroever van de Leie nl. het Gravensteen-Oudburg waren aanleiding dat mensen zich rondom deze as gingen vestigen.

Voordien strekte zich ten noorden van de Zandberg een kouter uit van de Poeljemarkt tot aan de Vrijdagsmarkt die door de Hoogpoort en Hongerstraat (Onderstraat) in drie akkerpercelen werd onderverdeeld. Bebouwing en voedseltekort zorgde ervoor dat aan de periferie kouters ontstonden als Vrijdagmarkt, Koornaard (Korenmarkt), Vismarkt (Groentenmarkt), etc. die veel groter waren vooraleer grote bouwwerken werden opgericht.

Hier is het voormalig hotel Vanden Meersche aan te treffen gelegen hoek Nederpolder en Zandberg. Dit gebouw heeft een rijke geschiedenis. Oorspronkelijk herberg de Pelicaen, werd het gebouw aangekocht in 1547 door Jan Damman die het liet verbouwen tot een rijke patriciërswoning. In 1736 komt het in handen van Jean-Baptiste Vanden Meersche die de woning uitbreidt en het laat verbouwen tot een rijke 18-eeuwse woning. In 1806 wordt het gebouw verkocht aan Cesar Maes, rentmeester van Napoleon. In 1843 wordt het als hotel gebruikt nl. hotel G. Oldi. In 1855 wordt het gebouw het lokaal van de Melomanen die er 6000 fr (149€) huishuur per jaar betalen, voor die tijd een reuzebedrag. De Melomanen moeten een machtige vereniging geweest zijn.

Het hotel zal in 1872 verkocht worden aan baron Casier de Hemptinne en ingenomen worden door de Zusters Kindsheid Jesu die er hun ooglijdersgesticht, dat sedert enkele jaren gevestigd was op de Kraanlei, naar overbrengen. In 1892 werd het gebouw eigendom van de Zusters.

De Melomanen zullen zich vestigen in de Savaanstraat. Dit lokaal werd door de oorlog vernield in 1944. Het hotel Vanden Meersche heeft niet enkel prachtige gevels, maat ook het inwendige is zeer rijk.

Ref.: Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen – Stad Gent 4 blz. 308 en Fr. De Potter : Geschiedkundige Beschrijving van Gent, deel V blz. 512.

———-

Bron:

Ghendtsche Tydinghen 1979 – Vol8 N°6