Vanderdoncktdoorgang

veur d’ echte Genteneirs: ’t Glaoze Straotje (’t glazen straatje)

25 april 1846: De raad geeft de toelating tot de aanleg van de Vanderdoncktdoorgang. De voornaamste voorwaarden bepalen : het werk moet beeindigd zijn binnen de vijf jaar, aan de stad wordt de grond van de straat afgestaan, de toelating wordt verleend een deel van de Oude Schelde te overbouwen, de verlichting is ten laste van de stad.

20 augustus 1851: De bouwwerken van de overdekte Polka-gang vorderen snel. Het metselwerk is geëindigd en de mei werd geplant. De heer Van der Donckt spaart geen kosten om de “glazen gang” aantrekkelijk te maken. De architect is de heer Eykens.

22 juni 1852: De Glazen straat krijgt officieel de benaming Vanderdoncktdoorgang. In het deftig Gents spreekt men van de “Passage Vanderdonckt”. Deze straat werd aangelegd op aanvraag van Pierre Jean Vanderdonckt, een vermogende grossier in koloniale waren. De Gemeenteraad gaf zijn goedkeuring voor de aanleg in 1846.

Het maakte deel uit van een verkaveling die gerealiseerd werd op gronden van de gesloopte fabriek Poelman-Hameling. Deze overdekte straat liep aanvankelijk van de Kleine Statiestraat (nu Schepenenvijverstraat) tot de Brabantdam. Het is pas in 1886, na de uitvoering van het Zollikoferplan dat de passage doorgetrokken werd naar de Vlaanderenstraat.

In de 19e eeuw sprak men ook van de “Polkagang” omdat ze leidde naar de populaire danszaal “Polka” die in 1883 verdween met de aanleg van de Oude Scheldestraat. De aanvankelijke bestemming van winkelgalerij ging geleidelijk verloren en het is nu een passage van kaberdoeskes en kriebelmuiten.

Mogen wij aan de heren joumalisten en andere publicisten vragen het niet meer te hebben over “het glazen straatje”. Wij weten niet welke niet-Gentenaar deze naam uitgevonden heeft, maar in Gent bestaat er geen “glazen straatje”, wel een “Glaoze Straote”. (zie ook “Rosse buurt”)

BALLADE VAN HET GLAZEN STRAATJE

(Video)

Ik loop door het Glazen Straatje,

o en aai me, Nieke Naaime…
O en aai me, Nieke Naaime,
en ik stop voor uw vitrine!
Doe open, Nieke Naaime
en laat mij erin!

En ik sta voor uw vitrine…
O en aai me, Nieke Naaime,
O en aai me Nieke Naaime…
‘k Heb een fluit tot aan mijn kin!
Doe open, Nieke Naaime
en laat mij erin!

Waarom doet ge nu niet open?,
Toch geen kindjes gaan kopen?
Waarom zijt ge weggelopen?
Leeg staat uw vitrine!
En ik kom er niet in,
ik moet kloppen op mijn kin!

O en ‘k draai me, Nieke Naaime,
o en paai me, Nieke Naaime,
o en ‘k draai me, Nieke Naaime,
en ik paai me… met uw vriendin!
Nikke Speed, die Dulle Griet,
ja zij laat mij erin!

(tekst & voordracht: Jan De Lichte)

———-

Ghendtsche Tydinghen 15.11.1975 – 4e jaargang nr. 6

Ghendtsche Tydinghen 15.11.1976 – 5e jaargang nr. 6

Ghendtsche Tydinghen sept-okt 2003 – 32e jaargang n°5