EROTIEK

“Mijn lichaam is van mij en als u het mij vraagt, verkoop ik het liever één uur voor 10 frank dan voor tien uur dagarbeid in ruil voor een schamel loon!”

Deze anekdote dateert van de jaren 1930 en bevat twee visies op commerciële seks die diametraal tegenover elkaar staan. De problematisering van prostitutie door elites versus de hardnekkige voortzetting ervan door seksverkopers en tussenpersonen is een constante in de geschiedenis.

Al sinds de oudheid, nee, zelfs sinds de vroege prehistorie, worden er pieten, tieten en foefkes op de muren getekend. Ongeacht enige censuur bleef de mens allerlei vormen van seks en erotiek afbeelden. Net zoals de toiletdeuren nu, werden ook de wanden van de grot beklad met moois, en soms wel eens wat pikants. 

De oud-Griekse tijd. Bekend om hun capriolen dat ‘op z’n Grieks’ zelfs een uitdrukking is voor een specifieke vorm van wellust. Hun typerende naakte beelden zijn al een mooi voorbeeld, maar ze maakten ook toen al meer expliciete afbeeldingen. Het meeste mannelijk naakt zou trouwens met erectie afgebeeld zijn, die dan later door een preutse kerk werd afgehouwen en – zeker in het geval van de door het Vaticaan verzamelde werken – van een vijgenbladje voorzien. Et voilà: de oorsprong van het archetypische beeld van Adam en Eva.

In de middeleeuwen vierde de preutse moraal hoogtij. Alles wat ook maar een beetje geilspellend was, werd vol overtuiging gemeden, of zelfs uitgedreven als ware het een ziekte. Dat zo een seks-negatieve houding geen enkele zin heeft, blijkt uit de vele verdoken manieren waarop de geile middeleeuwers tóch hun seksualiteit wisten te beleven. In de literatuur weerspiegelt zich dat in de Decamerone van Boccaccio en The Canterbury Tales van Chaucer – bij de Letterenstudent al zeker bekend – en in vunzige taverneliedjes en prikkelende poëzie.

Doorheen de streng christelijke tijd in Europa werden prachtige allegorieën geschilderd, waarin diverse christelijke thema’s niet altijd even gekleed werden afgebeeld. Denk aan de krioelende naakte lijven voor het hete vuur in de hel. Dat beeld danken we aan dit soort allegorische schilderkunst. Men vond het toen maar vies, maar sindsdien hoor je weleens iemand zeggen dat het feestje in de hel er leuker en smakelijker uitziet dan de rijstpap met gouden lepeltjes die de hemel belooft volgens de christelijke verhaaltraditie.

De Europese middeleeuwers geloofden in seksuele demonen, de laagste helpers van de duivel. Er was een mannelijke en vrouwelijke versie: respectievelijk de incubus en de succubus. Die sliepen ’s nachts stiekem met slapende mensen. Opvallend is dat het archetype van de succubus volgens hen Lilith was. Lilith is in de joods-christelijke mythologie immers de eerste vrouw van Adam, die net als hem uit stof gemaakt was, eerder dan uit zijn rib zoals Eva. “Lilith wilde zich niet onderwerpen aan Adam en eiste, ook in seksueel opzicht, gelijke rechten. Zij wilde – ook letterlijk – niet de onderliggende partij zijn en weigerde resoluut de missionarishouding” 

Het is dankzij de koppigheid van sekswerkers, bordeeleigenaars en andere intermediairs dat prostitutie vandaag als een vorm van werk wordt erkend. Tenminste, volgens de wet. Want in de hoofden van veel mensen blijft commerciële seks een probleem.

———-

Bron :

http://www.deburen.eu : Studium Generale Gent 2024 – 2025 – Bodies | Mijn lijf, mijn zaak – Lezing en gesprek met Magaly Rodríguez García en Dinah Bons over sekswerk in historisch perspectief.

Maja Minnaert : Geschiedenis van de erotiek – Schamper 17.3.2019.